Dissociatie
Dissociatie betekent letterlijk ‘uiteenvallen’. Bij een dissociatieve stoornis is iemand gedurende een bepaalde tijd niet in staat om gebruik te maken van het bewustzijn van alle gedachten, gevoelens en herinneringen. Iemand komt daar als het ware los van te staan. De dissociatieve stoornis is vaak een reactie op een situatie van extreme stress, een bijzonder angstige situatie die meestal niet bewust meer beleefd wordt. Deze stress heeft vaak lang geduurd en vond vaak plaats in de jeugdleeftijd. Door de dissociatie kan iemand nare gevoelens, die opgeroepen worden door een traumatische ervaring, wegdrukken en eraan ontsnappen.
Stoornis
Iedereen kent wel momenten van vergeetachtigheid, verstrooidheid of even dagdromen. Dit zijn normale verschijnselen. Pas als iemand door deze verschijnselen ernstig wordt belemmerd in zijn functioneren, spreken we van een stoornis. Dissociatieve verschijnselen kunnen bij verschillende psychische stoornissen optreden, bijvoorbeeld bij diverse angststoornissen, stemmingsstoornissen, bij psychose of bij persoonlijkheidsstoornissen. Soms is er sprake van een dissociatieve stoornis. Een dissociatieve stoornis kan grote problemen met de concentratie veroorzaken en negatieve gevolgen hebben op alle levensterreinen, waaronder bijvoorbeeld werk en studie.
Problemen
De problemen bij een dissociatieve stoornis kunnen variëren. Zo zijn er problemen met vooral het geheugen, verwarring over de eigen identiteit (waardoor mensen bijvoorbeeld plotseling van hun vertrouwde plek kunnen weggaan). Ook kunnen mensen te maken hebben met twee of meer tegelijkertijd aanwezige persoonlijkheden of heeft men het gevoel ‘los’ te staan van zichzelf (het gevoel hebben alsof alles in een droom gebeurt).

